Nico Rienks


Nicolaas Hessel Rienks is op 1 februari 1962 geboren in Tiel, maar verhuisde op zijn vierde jaar met zijn ouders mee naar Zwolle, waar zijn vader een baan aanvaardde bij Unilever. Rienks junior bleef in de provinciehoofdstad tot hij ging studeren in Amsterdam. Dat hij gezegend was met een sporthart was al snel duidelijk. Hij voetbalde heel aardig bij PEC Zwolle, werd als jonge volleyballer geselecteerd voor het Noord-Nederlands jeugdteam, maar ging vanaf zijn veertiende ook al het water op als lid van de Zwolsche Roei- en Zeilvereeniging. Uiteindelijk gaf de roeisport hem het meeste plezier. Toen Rienks zeventien was, ging hij elke dag het water op om te trainen en was het gedaan met voetbal en volleybal. Een jaar later was hij al een van de Nederlandse deelnemers aan het WK voor junioren in België. Toen hij op de UvA in Amsterdam bewegingswetenschappen ging studeren stapte Rienks over naar de R.S.V.U. Okeanos aan de Bosbaan. De eerste deelname aan het senioren WK volgde en vervolgens ook de Olympische Spelen in Los Angeles.

Daar begon in 1984 Rienks' Olympische carrière met een negende plaats in de dubbelvier. In 1988 won hij in Seoul samen met Ronald Florijn goud in de dubbeltwee, Barcelona 1992 bracht brons met Henk Jan Zwolle. Bij de Spelen van Atlanta in 1996 zegevierde de Holland Acht op superieure wijze. In Sydney in 2000 sloot Rienks zijn vijfde olympische toernooi af met een achtste plaats van de Holland Acht II.

De gouden medaille van de Holland Acht in Atlanta is tussen als die fraaie resultaten het kroonjuweel. Nico Rienks is de intelligente, ambitieuze en serieuze primus inter pares. Met Leidenaar Ronald Florijn had hij in 1988 de ban gebroken na twee decennia waarin alleen het Oostblok en Duitsland medailles haalden. Het duo won goud nadat het maandenlang heel hard had getraind. 'Je moet achterlijk zijn om dat vol te houden', vertelde hij later. 'Eten, trainen en wachten. We hadden discipline. We deden meer dan het trainingsschema voorschreef. We waren fanatiek, dat maakte het bijzonder.' Het duo moest een jaar lang leven in een ritme van eentonigheid. Iedere dag trainen. Zonder dat je er iets voor krijgt. Je doet een jaar lang al die gewone, simpele dingen, zodat het aan het eind iets bijzonders kan worden. En dat werd het dus. Goud.

In 1992 roeide Rienks in de dubbeltwee met voormalig skiffeur Henk Jan Zwolle. Florijn was overgestapt naar de dubbelvier. In 1991 werd het duo wereldkampioen, maar een jaar later op de Spelen in Barcelona roeiden ze naar een bronzen plak.

Toen kwam er ruimte voor een experiment, een toegift, een revanche. Rienks en zijn voormalige partner uit de dubbeltwee Ronald Florijn stelden hun maatschappelijke loopbaan nog maar eens een paar jaar uit. Er werd wat lacherig over gedaan. De laatste Olympische medaille van een Nederlandse Acht dateerde van 1900. Een bronzen exemplaar was het toen. Het idee voor de Holland Acht werd geboren in 1990. Een Nederlandse gelegenheidsacht roeide namelijk mee op de Goodwill Games, een alternatief voor de Olympische Spelen bedacht door mediamagnaat Ted Turner. In die wedstrijd kon de Nederlandse boot verrassend lang mee met de toplanden, en het idee van een beter getrainde acht was geboren.

Vier jaar lang reden ze minimaal veertien keer per week naar de Bosbaan om anderhalf uur lang hun halen te maken in de nieuw geformeerde Acht. In 1993 betaalde de stichting 'Roeien als topsport' van Rienks en Florijn de aanloopkosten. De onvermoeibare chef d'equipe Henk Hospers vond Kiwa als hoofdsponsor. En in 1994 - Florijn had een brief geschreven - adopteerde het NOC*NSF de Holland Acht als 'speerpunt-project', waardoor het geld er kwam om alle wensen te vervullen. De aanwezige kennis was al professioneel - de roeiers deden bijvoorbeeld al tien jaar lactaattesten - maar de faciliteiten werden vervolmaakt. Plotseling konden de roeiers in de winter op trainingskamp naar Spanje, kwamen er extra roeimachines in het hok langs de Bosbaan, kwamen er oefenboten, was er geld voor sportdrank na afloop en geld voor maaltijden in het restaurant. Wat ze in 1988 voor hun tweeën hadden gecreëerd, was nu voor een grote groep beschikbaar.'

Het ontzag van de Nederlanders voor de machines van de machtige achten uit Duitsland, Roemenië en Amerika was al na het eerste jaar verdwenen. De debutanten wonnen in 1993 een sterk bezette wedstrijd in Luzern. De vijfde plek op het WK 1993 was teleurstellend, maar in 1994 (achter de VS) en in 1995 (achter Duitsland) behaalde de ploeg zilver. Roeien in de acht bleek hard beuken tussen start en finish. In de boot werd nogal eens een roeier vervangen door een betere hetgeen soms ten koste ging van onderlinge vriendschappen. Maar meestal hielp het zodat Holland Acht steeds sneller ging roeien, steeds krachtiger.

In 1996 won de ploeg alle wedstrijden. En toen volgden de Spelen van Atlanta. Daar moest het gebeuren. Daar deden de negen ervaren roeiers met een gemiddelde leeftijd van plus minus 30 jaar hun ultieme test. Nico Rienks op slag, Ronald Florijn erachter en daar weer achter zat de toenmalige Enschedeër Niels van Steenis. Henk Jan Zwolle op boeg. Drie jaar was eraan de droom gewerkt. Trainen, ervoor leven, grote wedstrijden roeien. De Verenigde Staten, Australië, Roemenië, Canada en uiteraard de Duitsers waren concurrenten van hoog niveau. De Nederlanders gingen sterk van start. Met als basis hun superieure techniek zaten ze snel in het ritme en voeren ze ogenschijnlijk perfect naar het eerste meetpunt op 500 meter. Daar echter hadden de Duitsers een lichte voorsprong. Bij de 1000 meter hetzelfde beeld. Canada volgde als derde. Maar het duurde niet lang meer of Rienks cum suis versnelden en namen de leiding. Stuurman Jeroen Duyster schreeuwde zijn stem aan gort om zijn ploeg op scherp te houden. Bij iedere slag groeide de voorsprong enkele centimeters. Op de kant gilden, sprongen en juichten honderden Nederlandse fans onder aanvoering van Prins Willem Alexander en NOC*NSF-preses Erica Terpstra de acht nog harder vooruit. De voorsprong werd groter, een halve lengte is het al op 1750 meter. De Duitsers probeerden het nog, maar moesten hun hoofden buigen. De Holland Acht was weergaloos, was ongenaakbaar. Met een voorsprong van driekwart lengte finishten Rienks en de zijnen. Hij balde de vuist. De Holland Acht heeft zijn woorden waargemaakt. De missie was optimaal geslaagd. Goud.

Zijn reactie was nuchter. Hij balde de vuist en later zei hij nog dat de Duitsers hem verbaasd hadden door halverwege nog naast hen te liggen. Maar getwijfeld had hij nooit, zei hij.

Op 9 december 2005 kreeg Rienks uit handen van Erica Terpstra als voorzitter van NOC*NSF de eerste Fanny Blankers-Koen Trofee. Ook kunstrijdster Sjoukje Dijkstra, judoka Anton Geesink, schaatser Ard Schenk en voetballer Johan Cruijff wonnen die trofee.

Rienks stopte in 2000 na de achtste plaats met de Holland Acht II op de Spelen in Sydney. Inmiddels roeit hij af en toe nog een wedstrijdje mee bij de veteranen. Tijdens zijn loopbaan als toproeier was hij al begonnen met een eigen bedrijf onder de naam Rienks Arbodienst. De onderneming groeide uit en heeft thans twee vestigingen: in Leusden en Zwolle. Nico Rienks en zijn vrouw (en oud-roeister) Harriët van Ettekhoven wonen in Zwolle. Ze hebben twee kinderen. 

Auteur: Gijs Eijsink

Geboren:   01-02-1962 Tiel
Echtgeno(o)t(e):   Harriët van Ettekhoven
Publicaties:   Bronnen o.a.: NRC en enkele websites.
Laatst bijgewerkt op:   15-04-2014