Dick Buursink


Dick Buursink werd in 1952 in Enschede geboren. Hij groeide op in een groot gezin temidden van negen broers en vijf zussen. Het gezin Buursink woonde aan de Velveweg in de oostelijke wijk Velve. Vader Buursink werkte als voorman in de textiel. De familie Buursink kende een sociaal-democratische traditie. De grootvader, Jeroen Hillenaar, was raadslid voor de SDAP in Lonneker en (na de samenvoeging) in Enschede. De vader van Dick Buursink was ook raadslid in Enschede voor de PvdA en was bovendien actief in de vakbond. Ook Buursink was al vroeg actief in de vakbond, nadat hij als 14-jarige leerling-typograaf bij een drukkerij in Enschede was begonnen te werken. Hij brak zijn ULO-opleiding af en ging aan het werk toen zijn vader werkloos was geworden.

Tot 1992 bleef hij (parttime) het grafische vak trouw. Ondertussen behaalde hij na zes jaar avondstudie in 1978 zijn atheneum-diploma. In 1970 (hij was toen 18 jaar) werd Dick Buursink lid van de Partij van de Arbeid. Toen hij zich rond 1977 steeds meer voor de politiek ging interesseren zou dat de start betekenen van een opmerkelijke carrière in de politiek. In 1978 (26 jaar oud) werd hij gekozen in de Enschedese gemeenteraad, in 1982 werd hij fractiesecretaris en in 1986 werd hij gekozen tot fractievoorzitter. Deze functie bekleedde hij acht jaar lang tot 1994. Van 1990 tot 1994 vervulde hij ook nog de functie van portefeuillehouder afvalverwerking in het Samenwerkingsverband Twente. Vervolgens was hij van 1994 tot 1998 wethouder Stadsbeheer met onder meer verkeer en vervoer, leefbaarheid en milieubeheer in zijn portefeuille. Ook na de verkiezingen in 1998, waarbij hij veel voorkeursstemmen kreeg, bleef hij wethouder, dit keer met de portefeuille Leefbaarheid en Wonen, waaronder opnieuw verkeer en vervoer viel, maar ook een onderwerp als stedelijke vernieuwing.

De vuurwerkramp op zaterdag 13 mei 2000 in Enschede betekende een breekpunt in een logisch vervolg van zijn carrière. Uit de rapportage van de commissie Oosting, die een onderzoek had ingesteld naar de achtergronden van de ramp kwamen een aantal 'schuldigen' naar voren: in de eerste plaats de vuurwerkondernemers zelf, de landelijke overheid (er was nauwelijks adequate wetgeving op dit gebied) en uiteindelijk de gemeente. In 1997 had Buursink, als wethouder verantwoordelijk voor onder meer milieubeheer, zijn paraaf gezet onder een bijlage bij een revisievergunning voor S.E. Fireworks. Natuurlijk ging Buursink af op de deskundigheid van zijn ambtenaren, die in dit speciale geval moesten afgaan op de deskundigheid van Bureau Milan, een afdeling van het Ministerie van Defensie. Toch nam Buursink als een van de weinigen de politieke verantwoordelijkheid op zich en trad op 28 februari 2001 af als wethouder.

Ruim een jaar later op 11 maart 2002 nam hij na 24 jaar afscheid van de Enschedese gemeenteraad. In december 2001 voltooide Dick Buursink zijn boek ‘Getekend’, dat gebaseerd is op een soort dagboek dat hij vanaf de dag van de vuurwerkramp had bijgehouden. Hij schetst de eerste dagen van de ramp, waarbij hij als wethouder, vrijwel zonder slaap, vele zaken tegelijk moest regelen, ook nog persoonlijk aandacht aan de slachtoffers moest schenken, een uur de tijd kreeg om een toespraak bij een crematie van een slachtoffer voor te bereiden. Dan de nasleep van de ramp met ongevraagde bemoeienis van instanties en overheden, ingewikkelde financiële afwikkeling van de schade, plannen maken voor herstel van de rampwijk en tenslotte het ‘zwartepieten’ over wie verantwoordelijk was. Iedereen die een compleet beeld over de ramp wil krijgen moet ook dit boek lezen.

Ras-Enschedeër Buursink heeft nadien nog wel eens laten doorschemeren een terugkeer in de Enschedese politiek als wethouder en nog liever als burgemeester best te ambiëren. De 'Nacht van Van Tijn', zijn partijgenoot in de Eerste Kamer, in maart 2005 verhinderde de invoering van het gekozen burgemeesterschap en daarmee een (volgens de regionale pers) zekere toekomstige verkiezing tot burgemeester. Uit de beschrijvingen van Dick Buursink in de pers komen een aantal karakteristieken telkens naar voren. Hij is een man van het volk en in zijn stad Enschede zeer populair. Een journalist schreef eens na zijn aftreden als wethouder: 'Waar Buursink verschijnt drommen de horden nog steeds om hem heen. Veel zittende wethouders krijgen dat niet voor elkaar. Iedereen wil nog met hem bijkletsen, hij wordt gegroet, aangeklampt voor dit en voor dat; hij is nog altijd de getapte jongen. Dat is de oogst van zijn manier van optreden.

Buursink veranderde niet door de macht en bleef zichzelf, zeer toegankelijk, altijd de deur open, dialect sprekend als het kon, jargon bezigend als het nodig was. Hij kende jan en alleman en werd ook zelf gekend'. Meer dan eens werd Buursink vergeleken met de 'volkse' Amsterdamse banketbakker en politicus Jan 'In gelul kun je niet wonen' Schaefer. Opvallend tijdens zijn wethouderschap was zijn bemoeienis met het onderwerp verkeer. Hij nam het op voor de fietsers en zorgde voor goede fietsverbindingen vanuit de buitenwijken naar het centrum. Bevorderen van het openbaar vervoer en het terugdringen van de auto in de binnenstad waren belangrijke onderwerpen voor hem. Wat betreft Twentestad, het samengaan van Enschede, Hengelo en Borne, was hij een dissident. Hij was er niet voor. De schaal van Enschede was naar zijn mening groot genoeg. Als wethouder zorgde hij ervoor dat hij bereikbaar was voor de bevolking. Die contacten vond hij belangrijk. Hij zocht de mensen ook op door spreekuur op de markt te houden.

In 2002 begon hij aan een nieuwe job als adviseur voor diverse overheden. Soms vertoefde (en vertoeft) hij daarbij op bekend terrein. Het Ministerie van Verkeer en Waterstaat vroeg hem voorzitter te worden van het Fietsberaad. Hij werd lid van het Expertteam Grote Stedenbeleid en ambassadeur voor vier oostelijke regio's van het project Slagen voor Veiligheid, een ondersteuningsprogramma dat door de ministeries BinZ en VROM in het leven werd geroepen na 'Enschede' en 'Volendam'. Hij werd gevraagd voor zeer uiteenlopende functies en activiteiten. Voor de provincie Drenthe werd hij 'procestrekker van een aanjaagteam' dat moet zorgen voor voldoende woningen voor ouderen en mensen met een zorgvraag. Vaak wordt hij gevraagd om op te treden als inleider, gespreksleider of dagvoorzitter. Voor de vernieuwingsimpuls Lokale Democratie is hij consulent voor de gemeenten in Overijssel.

In 2006 heeft hij de collegeonderhandelingen in Ommen geleid. Na de verkiezingen voor de Provinciale Staten in maart 2007 werd binnen de PvdA een opvolger gezocht voor gedeputeerde Jan Kristen, die de pensioengerechtigde leeftijd had bereikt. Enigszins onverwacht dook de naam van Dick Buursink op. De naam Buursink werd geassocieerd met Enschede, niet met Overijssel. Maar zelf had hij er zin in. 'Gelukkig geen uitgeblust kamerlid', zoals hij zelf reageerde. 'Na vijf jaar dienstbaarheid eindelijk weer zelf aan de knoppen'. Vanaf eind april 2007 was hij gedeputeerde voor Cultuur, Europa en Stedelijke netwerken. Uit hoofde van deze functie vervulde hij vijftien nevenfuncties.

In 2011 keerde hij na de verkiezingen voor Provinciale Staten niet terug als gedeputeerde. Hij kreeg te maken met een coalitie die de PvdA buitensloot, zoals dat in Den Haag al eerder was gebeurd. Hij werd weer Statenlid voor de PvdA in Overijssel. Sinds 2008 is Buursink ook lid van de Raad van Toezicht van de Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid in Leidschendam en sinds 2011 lid van de RvT van Artikel 1 in Overijssel (anti-discriminatie meldpunt). Daarnaast is hij voorzitter van de Historische Societeit Enschede-Lonneker en Stichting De Meene in Buurse gemeente Haaksbergen. Bij de laatste 2e Kamer verkiezingen was hij lijstduwer voor de PvdA en haalde hij opnieuw weer veel voorkeurstemmen.

Tekst: Redactie van deze website
Geboren:   10-04-1952 Enschede
Vader:   Herman Marinus Buursink (1914-2002), voorman touwslagerij
Moeder:   Hendrika Johanna (Riek) Hillenaar (1918-1993)
Echtgeno(o)t(e):   Ida Vreeken
Publicaties:   Getekend: uit het dagboek van een wethouder in Enschede na de vuurwerkramp op zaterdag 13 mei 2000 / door Dick Buursink. Uitgeverij Rogeko, 2002. 160 p. ISBN 90-77099-01-8 Interview: 'Dick Buursink is gewoon weer trots op Enschede' In: De Roskam, onafhankelijk weekblad voor Twente. Jrg. 6, no. 46 (17 november 2000); p. 8-11
Laatst bijgewerkt op:   27-02-2014