Willem Kolff (1911-2009)


Professor Willem Johan Kolff wordt geboren op een kamer in Hotel Rijnland aan de Beestenmarkt in Leiden op 14 februari 1911, als oudste van vijf zoons in een doktersgezin. Hij groeit op in Hummelo (Achterhoek) en in Beekbergen (bij Apeldoorn) waar zijn vader Jacob Kolff directeur is van een tuberculosesanatorium.

In de jaren dertig studeert Kolff aan de medische faculteit van de Universiteit van Leiden, waar hij in 1937 met succes zijn artsexamen aflegt. In hetzelfde jaar trouwt hij met Janke Huidekoper en vertrekt Kolff naar Groningen, waar hij zich specialiseert in de interne geneeskunde aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Als jongste assistent op de interne afdeling van het Academisch Ziekenhuis komt Kolff onder de hoede van de joodse professor Leo Polak Daniëls. In 1938 ziet Kolff op één van de vier hem toegewezen bedden een Groningse boerenzoon van 22 jaar sterven aan een chronische nierontsteking. Kolff gaat op zoek naar een behandelmethode, omdat hij niet wil accepteren dat nierpatiënten uitsluitend omdat het reinigend vermogen van hun organen tekortschiet, gedoemd zijn te sterven.

In de Tweede Wereldoorlog zet Kolff in de meidagen van '40 aan de Zuidwal in Den Haag de allereerste bloedbank van het Europese vasteland op. In Kampen groeit Kolff uit tot een cruciale figuur in het lokale verzet. Door ziekten te simuleren bij mensen die door de Duitse bezetter dreigen te worden opgepakt, weet Kolff verzetsmensen en joden uit handen van de nazi's te houden. Verder helpt hij honderden Rotterdamse mannen ontsnappen, die tijdens massala razzia's zijn opgepakt voor tewerkstelling in Duitsland. Uit de 10.500 man die tijdens gruwelijke transporten voor een tussenstop in Kampen per schip aanmeren, weet Kolff 1200 'zieken' te selecteren die hij onderbrengt in diverse noodhospitalen. Ruim 800 van hen zijn met hulp van Kolff en de zijnen ontsnapt.

Net na de bevrijding, op 11 september 1945, is de zeventiende patiënt aan de kunstnier de eerste die het leven wordt gered met deze behandeling. De 67-jarige Maria Sofia Schafstadt, nota bene een nazi-sympathisante, is de eerste nierpatiënt ter wereld die dankzij Kolffs uitvinding het leven wordt gered. Op 6 januari 1946 promoveert Kolff aan de Rijksuniversiteit van Groningen tot doctor in de geneeskunde met een proefschrift over de kunstmatige nier.

In 1956 brengt Kolff de eerste hartlongmachine op de markt. Met behulp van dit apparaat werd het voor het eerst mogelijk mensen met een hartinfarct te opereren. Tevens begint hij in 1956 met zijn tweede grote levenswerk: het ontwikkelen van een kunstmatig hart. In 1967 wordt Kolff professor aan de Universiteit van Utah in Salt Lake City. Hij zet daar een wereldvermaard laboratorium voor kunstmatige organen op dat de bijnaam Biocon Valley krijgt. Vanaf de jaren zestig en zeventig neemt de ontwikkeling van het kunsthart onder leiding van Kolff een grote vlucht. Dit leidt ertoe dat in 1982 in Salt Lake City voor het eerst een kunsthart bij een mens wordt ingebracht, wat de aandacht trekt van de wereldpers. De patiënt, de gepensioneerde tandarts Barney Clark uit Seattle, weet 112 dagen te overleven, waarna hij sterft aan een longontsteking.

Kolffs onderzoek naar nieuwe en betere kunstmatige organen gaat tot op de dag van vandaag door. Op 92-jarige leeftijd is Kolff nog altijd aan het werk. Ondanks zijn verslechterende gehoor en gezichtsvermogen geeft hij over de hele wereld lezingen en werkt hij minimaal vijf uur per dag aan verbeteringen van kunstmatige organen. De National Academy of Engineering, de nationale ingenieursorgansiatie van de Verenigde Staten die Kolff in februari 2003 de Russ Award schonk, heeft berekend dat sinds de uitvinding van de kunstnier in Kampen in 1943 meer dan 20 miljoen mensen hun leven te danken hebben aan het werk van Kolff. Jaarlijks krijgen over de hele wereld honderdduizenden mensen een medische behandeling die zonder zijn werk niet mogelijk zou zijn geweest.

Kolff wordt beschouwd als de Vader van de Kunstorganen en is daarmee één van de belangrijkste medici van de twintigste eeuw. Hij ontving in totaal twaalf eredoctoraten aan universiteiten over de hele wereld en kreeg meer dan 120 internationale onderscheidingen, waaronder de prestigieuze Japan Prize (1985), de Lasker Award (2002) en de Russ Award (februari 2003). In 1970 werd Kolff Commandeur in de Orde van Oranje Nassau. In 1985 werd hij opgenomen in de American Inventor's Hall of Fame. In 1990 riep het Amerikaanse tijdschrift 'Life' hem uit tot één van de honderd belangrijkste personen van de twintigste eeuw. De president van de Universiteit van Utah zei ooit: "Dr. Kolff houdt er nooit mee op. Mocht zijn tempo afnemen, vervangen we wat versleten is gewoon met wat hijzelf gemaakt heeft."

Kolff overleed op 11 februari 2009, op drie dagen na 98 jaar oud in zijn woonplaats Newtown Square (Pennsylvania)

Met dank aan de Willem Kolff Stichting
Geboren:   14-02-1911 Leiden
Overleden:   11-02-2009 Newtown Square (VS)
Vader:   Jacob Kolff, geneesheer-directeur
Moeder:   Jkvr. Pieternella de Jonge
Echtgeno(o)t(e):   Janke Cornelia Huidekoper
Publicaties:   Herman Broers. Dokter Kolff : kunstenaar in hart en nieren. Amsterdam, Mets & Schilt, 2003.
Laatst bijgewerkt op:   19-03-2014